De Valkenweg, min of meer het verlengde van het Spreeuwenpark, was vroeger de aanvliegroute naar de pont. Aanvliegroute, want je had voortdurend haast. Als je met je fiets aan de hand moest wachten – wat in mijn herinnering altijd het geval was – lette een pontbeambte op of je niet voordrong. Zag hij een brutaaltje die toch een poging deed, dan was de onverbiddelijke straf: achter aansluiten. Stond je weer vijf minuten langer, wat een hele tijd was op weg naar school, maar wat ook een smoes opleverde om te laat te komen. De Valkenweg was wat ik noem een saaie industriestraat. Aan de rechterkant produceerde machinefabriek Du Croo & Brauns spoorwegmateriaal en links imponeerde de enorme fabriek van Hollandia Kattenburg, die waterdichte regenkleding fabriceerde.
Pas jaren later hoorde ik welk drama zich daar heeft afgespeeld. De fabriek telde in oorlogsjaar 1942 ongeveer 800 werknemers, mannen en vrouwen. Ongeveer de helft van hen had het stempel J (jood) in zijn persoonsbewijs. De Duitsers hadden Hollandia Kattenburg als ‘kriegswichtig’ bestempeld, dat wil zeggen: nuttig voor het Duitse leger. Daarom werden de joodse werknemers met rust gelaten. Aan die aparte status kwam op 11 november 1942 een verschrikkelijk einde. De Duitsers waren erachter gekomen dat in de fabriek een kleine verzetsgroep een beetje actief was. Volgens de onmenselijke wetten van de bezetter zouden alle joodse werknemers daarvoor moeten boeten.
De namen en foto’s van het drama staan allemaal in het Boek der tranen, dat bewaard wordt in het Joods Historisch Museum in Amsterdam. Ik citeer daaruit: ‘Woensdag 11 November 1942 omstreeks 16.30 uur deed een afdeeling der ‘Sicherheitspolizei’ onder leiding van den beruchten ‘Strumbahnführer’ Lages een inval in de Hollandia-fabrieken. Alle uitgangen werden afgezet en alle afdeelingen onder bewaking gesteld. De aanwezig Joodse medewerkers in ons bedrijf werden ’s avonds weggevoerd onder het voorwendsel dat zij zich aan een strafbaar feit schuldig gemaakt zouden hebben. Het onnoemelijk lijden van deze menschen tijdens hun transport naar Duitschland en gedurende hun verblijf in de Duitsche concentratiekampen is ons bij fragmenten bekend geworden uit de mond van die weinigen die terugkeerden. Van hen, die niet terug kwamen, alsook van hen die op andere wijze hun leven verloren als gevolg der Duitsche maatregelen, zult U in dit gedenkboek de afbeeldingen aantreffen.’
Slechts acht joodse mensen hebben dit drama overleefd. Een van hen, Jaap de Boers, schreef over zijn vreselijke belevenissen in de dichtbundel Bevel. Getuige 176774, sta op en vertel! Op de plaats van de voormalige fabriek staat nu het Hollandia Kattenburg-monument.
© 2026 Dick de Scally. Op deze publicatie berust auteursrecht.
Een column van Dick de Scally
Dick schrijft zijn columns geheel op eigen titel.
Overzicht van Dick zijn columns.
Amsterdam Noord Drama aan de Valkenweg

