Het IJ over

Het park en wij

Omdat de IJ-tunnel een nogal ingrijpende verandering van het Volewijckpark heeft opgedrongen, wil ik het geheugen van vele Noorderlingen prikkelen met een korte beschrijving van de over-het-water-middelen, want waar water is en een overkant wil een mens de afstand overbruggen. Dat geldt ook voor het IJ, de rivier die een uitloper is van het meer dat Flevomeer heette, daarna Zuiderzee, toen IJsselmeer en tegenwoordig Markermeer. In de loop van de eeuwen hebben mensen zich over het IJ laten zetten in een variëteit aan schepen en ponten. De oudste benoeming van een overzetveer stamt uit 1308, maar 1629 wordt ook genoemd. Een speurtocht leverde geen zekere data op.

Ponten en boten

Aan de Buikslootkant voer in de 19de eeuw een raderboot die door paarden werd voortbewogen en er was de kettingpont die tussen ca. 1880 – 1920 dienstdeed. De ‘gewone’ Tolhuisboot voer op stoom, maar schroeven zorgden voor de stuwkracht. Een verbinding tussen de Valkenweg en de Ruyterkade dateert van de jaren twintig van de vorige eeuw. In de jaren na ongeveer 1935 werkten veel arbeiders uit de tuindorpen ‘aan de overkant’, terwijl veel werknemers in Noord ‘van de overkant’ kwamen. Het resultaat was een dagelijkse stroom forensen die, veelal op de fiets, twee keer per dag ‘met de pont’ gingen.

Pont met klep
‘… de verlossende klap van de val van de klep … (Kees Fens)

In Het geluk van de brug (2008) beschrijft Kees Fens hoe vele Noorderlingen zich op de pont moeten hebben gevoeld: gevangen! ‘Niets heeft mij in Amsterdam gelukkiger gemaakt dan het rumoer bij het aankomen van de pont: de klap tegen de kademuur, het wild zich bewegende water, het ongeduld dat haast de hele pont onder stroom zet, en dan de verlossende klap van de val van de klep: we zijn er en we zijn weer vrij; geen brug die die sensatie kan wekken.’ Anderen voelden zich helemaal niet gevangen. Zij gebruikten de pont als een geldig excuus om te laat te komen op school in de stad. 

Schipbrug

Het IJ over via Schipbrug
De Schipbrug in 1945;
is meen ik ook sporadisch toegepast
tijdens de oliecrisis in 1973

In de Hongerwinter 1944-1945 stelden de Duitsers geen brandstof meer beschikbaar voor de ponten over het IJ. Om toch een verbinding te hebben, besloten Publieke Werken en het Gemeentevervoersbedrijf tot de aanleg van de langste brug in Amsterdam, 280 meter lang. De ponten werden tussen de Buiksloterweg en de Ruyterkade met de klepkanten tegen elkaar afgemeerd. De kleppen werden eraf gesloopt en twee aan twee op de overgangen gelegd zodat ook zwaar verkeer geen last van hoogteverschillen zou hebben. In het midden is op last van de Duitsers een beweegbaar tussenstuk gebouwd als doorvaartruimte. De ‘Schipbrug’ deed dienst van 31 maart tot 14 augustus 1945.

Bergmannbootje

Bergmannbootje
Bergmannbootje, U vaart er wel bij

Voor de overtocht over het IJ naar ‘de stad’ en terug kon je kiezen tussen de pont en het Bergmannbootje, een commerciële veerdienst van rederij Bergmann, die zich – zichtbaar op de boten – liet sponsoren door een wolmerk: Scheepjeswol, u vaart er wel bij! Bergmann had een vooruitziende blik met de advertentie: IJ-tunnel of niet, het gemakkelijkste en snelste vervoer over het IJ is nog steeds de ‘Heen en weer’ van Rederij Bergmann!

De boten hadden de grootte van een halve rondvaartboot. De aanlegplaatsen aan beide kanten, stad en Noord’, zijn in de loop der jaren zo vaak verplaatst, dat je het lokale sufferdje regelmatig goed moest spellen om bij te houden waar je nu weer moest op- of afstappen. Toen de rederij de krakkemikkige bootjes verving door moderne stalen schepen met geluidsinstallatie (sic!) werd dat het openingsartikel van de Noord-Amsterdammer breed uitgemeten. Jammer van alle kosten. Het staal van de nieuwe boten rammelde zo hard geen enkel muziekje tot de Bergmannpassagiers doordrong.

Bergmannbootje, Shell-bootje, Draka-bootje, Nieuwendammerbootje, allemaal verdwenen. Anno 2026 kent Amsterdam zes verschillende pontverbindingen over het IJ met vaste afvaarttijden. Nog steeds is de overtocht gratis. Om de groei van het voetgangers- en fietsverkeer over het IJ bij te houden, adviseert een onafhankelijke commissie Oeververbindingen de infrastructuur te verbeteren met twee nieuwe bruggen, een verbreding van de brug bij Schellingwoude en nieuwe pontverbindingen. In Oerknal aan het IJ pleit (Noorderling!) Bas Kok hartstochtelijk voor de aanleg van bruggen over het IJ. Hij schrijft: ‘In de brugkwestie kan de logica maar één kant op, Ooit zullen we bij het IJ over de brug gaan.’ De discussie (wie wat waar hoe hoog (cruiseschepen) en de kosten) is in volle gang. Om te beginnen heeft het Gemeentelijk Vervoerbedrijf van Amsterdam besloten de pontverbindingen voortaan Ferry te noemen, op kaarten (voor toeristen) aan te geven met een F. De pont blijft verboden voor auto’s. Voor hen is er de IJ-tunnel.


© 2026 Dick de Scally. Op deze publicatie berust auteursrecht.

Overzicht alle afleveringen “Het park en wij“.

Dick maakt deze serie geheel op eigen titel.
Reageren? Voor nu kunt u contact met de redactie opnemen via de link onderaan de website.

Wij sturen dan uw mail door naar Dick.

Op de hoogte blijven van toekomstige artikelen in deze serie?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 


Amsterdam Noord