Welke Amsterdamse begraafplaats is volgens Henk de Feijter, auteur van het boek Funeraire cultuur in Amsterdam (2002) de meest opzienbarende? Nee, niet Zorgvlied, hoewel het door Jan David Zocher aangelegde landschap een trendbreuk betekende met het rechtlijnige patroon van andere dodenakkers. Het is ook niet Huis te Vraag, dat driehoekige paradijs van rust tussen Rijnsburgstraat en Schinkel. Waar een veenweitje, een stel stokoude bomen en een oude rentmeester-woning de indruk geven van een antiek landschap.
Het meest opzienbarend vindt De Feijter de Noorderbegraafplaats, aangelegd in 1872 en sinds 2023 officieel opgezadeld met de naam De Noorder, meer geschikt als naam voor een chic restaurant. Hij ziet een soort dierentuin (konijnen, kippen, reigers), met afwijkende grafmaten, beeldjes, bankjes en allerlei materiaal, Amsterdammertjes onder andere. Toen ik er rondom kerst 2025 een bezoek bracht, waren veel graven in volledige kerstsfeer gebracht.
Die dodenakker heeft voor mijn familie ongeveer de status van een wandelpark met familiegraven, omdat een bezoek aan alle graven waar familieleden rusten een halve dagtocht vraagt. Ga maar na. Twee tantes van de kant van mijn vrouw zijn er begraven. Het eeuwigdurende graf van mijn moeder, vader en zuster ligt naast dat van een vliegenier. Met een klein reliëf op diens grafsteen is – misschien wel uniek – zijn beroep afgebeeld in de vorm van een jachtvliegtuig. In een andere hoek van de begraafplaats liggen leden van de familie Hartog, broers en zusters van mijn moeder.
Denkend aan de Noorder komen soms ook áárdige herinneringen boven. Een ervan heeft te maken met de begrafenis van Catrien, een tante van mijn vrouw, in het jaar 2009 101 jaar oud geworden. In het verzorgingshuis was zij met haar levendige geest nog kampioen sjoelen. Tijdens het schrijfwerk voor mijn boekje over Noord (Amsterdam Noord. Stad boven het IJ. Nog steeds verkrijgbaar!) toonde zij hevige interesse. Helaas, vlak voor verschijning overleed tante en de begrafenis vond plaats op de Noorderbegraafplaats. Mijn zoon had de rol van fotograaf en legde onder andere het moment vast dat zes in grijs gestoken dragers met hoge hoeden op tante Catrien op de schouders namen om haar naar het graf te brengen. Een plechtig moment. De foto kon op het laatste moment nog in mijn boek opgenomen worden.
Omdat het voorwoord van mijn boek geschreven was door de toenmalige burgemeester Job Cohen maakte ik een afspraak om het hem te overhandigen. De portier bleek een rasechte Amsterdammer, merkte ik aan zijn reactie op mijn aanmelding ‘dat ik voor de heer Cohen kwam’. Vanachter glas, over zijn halve brilletje heen loerend, herhaalde hij: ‘Voor de heer Cohen.’ Om er direct achteraan te loeien: ‘Zooooo!’. Eenmaal bij ‘de heer Cohen’ vertelde ik hem onder andere over de foto van tante. Vond hij duidelijk leuk, maar na een paar minuten excuseerde hij zich dat hij een afspraak had in Den Haag. Bijna had ik de portier geïmiteerd door te loeien: ‘In Den Haag? Zoooo!’ Later hoorde ik dat die afspraak te maken had met zijn functie als politiek leider van de Partij van de Arbeid kort daarna. Tja, politiek gaat voor de kist uit.
Dick de Scally
© 2026 Dick de Scally. Op deze publicatie berust auteursrecht.
Een column van Dick de Scally
Dick schrijft zijn columns geheel op eigen titel.
Overzicht van Dick zijn columns.
Gerelateerd:
Website begraafplaats De Nieuwe Noorder
Funeraire cultuur in Amsterdam
Auteur: Henk de Feijter
Directe link naar dit boek bij Bol.com

