Pontjesverhalen

augustus 2, 2018 by  
Filed under Amsterdam Noord Cultuur

Pontjesverhalen

Amsterdam-Noord is voor de voetganger en fietser die het IJ vanaf de stad en visa versa wil oversteken momenteel nog enkel toegankelijk via de pont. De Noord/zuidlijn laat nu nog even op zich wachten…

Dagelijks steken vele mensen met de pont over. De dagelijkse rondslomp tijdens het wachten levert irritatie, spontane conversaties en nieuwe contacten op. Mensen die in één buurt in Noord wonen en elkaar niet kennen ontmoeten elkaar dan toch op de pont. Of juist de mensen die in Noord werken komen in contact met andere werkenden en komen erachter wat elkaars werkzaamheden zijn.

Anderen observeren alleen en maken geen contact. Sommigen schrijven over hetgeen ze meemaken.

Elke maand verschijnt er in de serie Pontjesverhalen een aflevering van Ruud van Dijk. Over wat hij zoal meemaakt, observeert en de praatjes die hij maakt.

Er zal elke maand een nieuwe aflevering worden geplaatst. (De nieuwste aflevering wordt steeds bovenaan geplaatst.)

Aflevering 14: You are no good

Aflevering 13: Veilig aangeland
Aflevering 12: Het pontje van de toekomst
Aflevering 11: Pontjesgemopper
Aflevering 10: Jongen op de foto
Aflevering 9: Schattige kinderen
Aflevering 8: 29-12-2017, 21:15
Aflevering 7: Niet zeuren
Aflevering 6: Sollicitatie als instapbegeleider
Aflevering 5: Stress
Aflevering 4: Inspraakavond
Aflevering 3: Almost lost in Amsterdam
Aflevering 2: De liefde en de pontjes
Aflevering 1: Toevallig weerzien 

Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Wilt u op de hoogte blijven over deze serie?
Schrijf u dan in op onze nieuwsbrief.

You are no good

juli 30, 2018 by  
Filed under Verhalen

You are no good
Pontjesverhalen


Soms is het niet zo erg om 20 minuten te wachten op het volgende pontje naar de NDSM. Het is vandaag zomers warm en ik ga op de muur naast de steiger zitten om een shagje te roken. Even later komt een man, een Syriër blijkt later, achter de fietsenstalling de hoek om. Hij loopt op blote voeten en zijn kleren zijn doorweekt. Hij loopt op een andere man af en spreekt hem in het Engels aan. De Syriër heeft net een duik in het IJ genomen en vraagt de ander om een droog T-shirt. Tot mijn verrassing trekt die man zijn shirt uit en overhandigt deze aan hem, daarna haalt hij een andere uit een plastic zak.

Intussen word ik aangesproken door twee beschonken, Poolse jongens. Ze hebben ieder een halve liter Heineken in hun handen en ze hebben ook nog een sixpack van hetzelfde bij zich. En nog wat blikjes in hun broekzakken. Of ik soms een sigaret voor ze heb. Ik ben de beroerdste niet en draai een shagje voor ze. “Amsterdam, good people,” zegt de één. Ik word bedankt met een uitgestoken vuist, die ik dan met mijn eigen vuist moet toucheren. (Weet ik, want ik zie dat andere jongeren wel eens doen.)

“You have job?” Nee, ik heb geen werk voor ze.

De Syriër en de Poolse jongens raken ook in gesprek. Ze worden meteen ‘brothers’. De Syriër krijgt een biertje aangeboden, ze omhelzen elkaar en geven ook vuistjes. Ze vertellen elkaar waar ze vandaan komen. De Polen vragen of hij misschien drugs voor ze heeft. Ja, die heeft hij wel, goede kwaliteit voor een zacht prijsje. Een gram voor 10 euro. Ze hebben echter geen geld en willen dat grammetje graag ruilen voor een blikje bier.

Daarmee verandert de sfeer. De Syriër ziet deze deal niet zitten en verzucht: hoe kan je nou naar Amsterdam komen zonder geld op zak. De twee Polen worden boos omdat hij niet op hun aanbod ingaat. Het gesprek gaat over in schreeuwen: “You are no good,” is wat ze het meeste tegen elkaar roepen.

Op een gegeven moment loopt de Syriër weg. Een Pool roept hem na: ”You live on the street?” De Syriër antwoordt: “No, I live my life.” Vervolgens weer een aantal keren heen en weer: “You are no good.” Daarbij de vuist vooruit gestoken met de duim naar beneden.

Het pontje meert aan en ik ga aan boord. Ook de Poolse jongens stappen op. Als het pontje wegvaart ploffen ze neer met hun rug tegen de laadklep. Een van hen wijst in de richting waar de Syriër zich bevindt en zegt tegen me: “He is no good.” Hij maakt met zijn vlakke hand een snijdende beweging bij zijn hals. Ze zijn duidelijk geen ‘brothers’ meer.

Ruud van Dijk

Overzicht “Alle Pontjesverhalen
Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Veilig aangeland

juni 30, 2018 by  
Filed under Verhalen

Veilig aangeland
Pontjesverhalen


Het is maandag 18 juni. De afgelopen dagen was het fris, niet echt het weer om voor mijn plezier een stukje te gaan fietsen. Vanochtend regende het nog, maar vanmiddag schijnt de zon. Fietsen is ook goed voor me, om te revalideren van mijn verrekte kniebanden, het gevolg van een struikelpartij een paar maanden geleden.

Bord PontsteigerHet is de eerste dag dat het pontje vanaf de NDSM weer aanmeert bij de Tasmanstraat, na drie jaar Westerdoksdijk. Ik besluit om naar de NDSM-werf te fietsen en lekker uit te waaien door een tochtje met de pont. En om ook eens het hoge gebouw van dichterbij te zien. De afgelopen jaren heb ik het zien bouwen en ik vond het al snel een iconisch gebouw. Ik ken echter genoeg mensen die het maar een lelijke kolos vinden. Die zeggen: “Ja, soortgelijke gebouwen heb je ook in andere steden. Niks bijzonders aan.”

Op een bord bij de NDSM-werf staat: ‘LET OP! Houthavenpont landt vanaf ma 18 juni aan bij de pontsteiger’. Vind ik een beetje vreemd klinken. Een pontje landt toch niet aan, denk ik. Een pontje meert toch aan, of legt aan?

Het is een mooi tochtje naar de overkant. In de buurt van het gebouw zie ik ook meer details. De trappen van de verschillende verdiepingen vormen samen een V. Er is een fraaie kademuur gebouwd. Voor het eerst zie ik de zijkant van het gebouw goed, twee appartementen lijken daar al bewoond. De onderste verdieping is wat frivoler gebouwd, zou best eens een restaurant of iets dergelijks in kunnen komen. Met mooi uitzicht!

Ik bedenk dat ze het gebouw ook helemaal van glas hadden kunnen maken. Dat het gebouw de omgeving, en dan vooral het IJ, weerspiegelt. Vond ik in New York vaak mooi, dat je in de spiegeling van een gebouw de omgeving ook ziet.

Ik besluit om met het zelfde pontje weer terug te varen. Als het pontje bijna aanmeert draai ik mijn fiets om op de terugweg vooraan te staan.Pontsteigergebouw Tijdens deze manoeuvre knalt het pontje tegen de kade. Zo hard heb ik het nog nooit meegemaakt. Ik ben blij dat ik me staande kan houden en niet met fiets en al val. Het heeft niet de pers gehaald. Geen: ‘Twintig passagiers vallen bijna door botsing van pont tegen de kademuur.’

Als we op de terugweg weer aanmeren bij de NDSM houd ik me vast aan de reling. Maar het gaat goed. Veilig aangeland.

Ruud van Dijk

Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Het pontje van de toekomst

mei 30, 2018 by  
Filed under Verhalen

Het pontje van de toekomst
Pontjesverhalen


Mijn vriendin zit 24 uur per dag en 7 dagen per week vol met goede ideeën. Het ene nog beter dan het andere. Ik kan dat haast niet bijhouden en voel me soms een beetje een sufferd, omdat ik maar zelden een goed idee heb. Neem bijvoorbeeld haar plan voor het pontje van de toekomst.

Dat pontje wordt niet aangedreven door een vervuilende dieselmotor, maar door de inspanningen van de passagiers. Stel je het eens voor: mensen met een fiets parkeren die op een rolband op het pontje en voetgangers kunnen plaatsnemen op een loopband. Op het teken van de schipper gaan de fietsers fietsen en de voetgangers kunnen lopen of rennen. De rol- en loopbanden zijn verbonden met schoepen aan de zijkant van het pontje en zo kan het pontje zich voortbewegen.

Het plan kent alleen maar voordelen. Goed voor het milieu, omdat er geen vervuiling plaatsvindt. Goed voor de gezondheid van de passagiers, omdat ze volop moeten bewegen. En goed voor de sociale interactie, omdat het heel makkelijk is om een gesprekje aan te knopen als je samen aan het fietsen of aan het lopen bent. Met een beetje geluk kan het zelfs een nieuwe toeristische attractie worden, als alternatief voor de bierfietsen.

Een belangrijke taak blijft weggelegd voor de schipper. Hij of zij moet natuurlijk de juiste koers aanhouden. En moet instructies geven aan de passagiers als ze te langzaam lopen of fietsen, of juist te snel, het pontje moet tenslotte geen speedboot worden. Vooral bij het aanmeren is het zaak dat de schipper het heft in handen neemt, anders knalt het pontje tegen de wal. De fietsers moeten dan stoppen met trappen en de voetgangers moeten zich omdraaien en de andere kant oplopen, zodat de schroeven het pontje afremmen. (Dit bewijst haar vooruitziende blik, gezien de botsingen van pontjes tegen de kade de laatste tijd.)

Probleempje is misschien als er te weinig passagiers aan boord zijn. Want, hoe krijg je met z’n vieren het pontje in beweging? Mijn vriendin, niet voor één gat te vangen: “Nou, dan deelt de schipper gewoon lijntjes coke uit. Zul je zien hoe hard de mensen gaan rennen en fietsen.”

Ik opperde voorzichtig dat het plan wel iets weg heeft van de galeischepen, waarbij vroeger slaven als roeiers werden gebruikt. “Ach suffie,” zei ze “je weet toch dat het verleden zich altijd herhaalt, alleen in een ander jasje.” Had ze uiteraard gelijk in.

Ruud van Dijk

Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Pontjesgemopper

april 29, 2018 by  
Filed under Verhalen

Pontjesgemopper
Pontjesverhalen


Wat krijgen we nou?! Vaarde ik laatst op een zaterdagmiddag met het pontje vanaf de NDSM naar het Centraal, kwam het andere pontje ons al tegemoet. Ik vroeg me af of ik al aan het dementeren was geslagen en me in de dag had vergist. Het was toch zaterdag? Dan varen de pontjes toch maar eens per half uur?

Eenmaal thuis zocht ik op de website van het GVB. Het stond er echt: pontjes elk kwartier. Goede zaak, dacht ik. Eindelijk!

Kwam ik vorige week mooi bedrogen uit. Die dienstregeling gold dus niet elke dag. Kon ik weer langer wachten en miste ik vervolgens mijn trein naar Baarn. En kon ik de volgende dag bij aankomst in Amsterdam 20 minuten in de kou staan.

Kende ik eindelijk de oude dienstregeling uit mijn hoofd, gaan ze die blijkbaar af en toe veranderen. Kan ik het weer opnieuw gaan leren. Zul je zien dat het GVB, als extra service, ook andere pontjes vaker wil laten varen. Maar dan ook weer niet elke dag. Wat mij betreft varen de pontjes nog maar 1 keer per uur naar de overkant. Als het maar duidelijk is.

Horendol word ik er van.

En GVB, stop nou eens met die vervuilende pontjes. Binnenkort experimenteren jullie verderop in het Noordzeekanaal met groene pontjes. Waarom dan ook niet in Amsterdam? Ik las op de website van de gemeente dat jullie dit vanaf 2019 gaan voorbereiden. Zodat vanaf 2022 ook hier groene pontjes gaan varen. Moet dat echt zo lang duren?

Hup GVB, neem nou eens een proactieve houding aan. Snel een consequente en een frequente verbinding met groene pontjes…dat is de beste manier om het onzalige idee van bruggen over het IJ te ontkrachten.

Mag ik nog even?

Wel eens gezien, die opzichtige reclame op sommige pontjes? Het pontje is dan grotendeels oranje geschilderd met in koeienletters de opschrift thuisbezorgd.nl of, nog erger, het pontje is lichtblauw met daarop reusachtige Sourcy Mineral Water flessen afgebeeld. Echt, het doet pijn aan je ogen.

Alsjeblieft GVB, kunnen jullie die pontjes met reclame niet tot zinken laten brengen?

Ruud van Dijk

Overzicht “Alle Pontjesverhalen
Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Jongen op de foto

februari 27, 2018 by  
Filed under Verhalen

Jongen op de foto
Pontjesverhalen


Zie je die jongen op de fiets met een bal onder zijn arm? Zo zag ik er vroeger uit.

 

Nozem


Onderweg van mijn oma in de Staatsliedenbuurt naar Noord. Elke zomer logeerde ik een paar weken bij haar. Als jochie uit Soest leek Amsterdam enorm groot, dus had het iets van een eindeloze fietstocht. Eerst helemaal naar het Centraal en daarna via die lange Klaprozenweg naar Tuindorp Oostzaan, om daar met mijn neefjes te voetballen. Met ‘gekke’ Henkie, met Johnny en met Kees. Vaak deden Wim en Hans ook mee.

Het pontje zag er heel anders uit dan nu. Het was meer een open bak, waar niet alleen voetgangers, fietsers en bromfietsers op gingen, maar ook auto’s en zelfs de bus naar Noord vaarde mee. Je had op de pont een bushalte waar je kon in- en uitstappen. Het was al met al geen pretje als het regende, kon je alleen maar schuilen in de gangpaden aan weerszijden van het pontje.

En zie je die jongen met een peuk in z’n mond op die Puch of Thomas met dat hoge stuur? Zo’n brommer wilde ik ook en zo reed ik jaren later ook rond. Van Soest naar Amsterdam en daar van de Staatsliedenbuurt naar Noord. De brommer was opgevoerd, dus ik was zo in Noord en met een beetje geluk was ik de eerste die het pontje afscheurde. Ja, ik was in die tijd lekker stoer.

Inmiddels ben ik veel ouder dan de mensen op de foto. Ben ik al lang niet meer die jongen op de fiets met een bal onder zijn arm. Te krakkemikkig om nog te voetballen. Henkie en Hans leven niet meer, Wim woont in Duitsland en wat er van Johnny en Kees is geworden…?

Ruud van Dijk

Overzicht “Alle Pontjesverhalen
Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Schattige kinderen

januari 30, 2018 by  
Filed under Verhalen

Schattige kinderen
Pontjesverhalen


De lucht is grijs en het miezert. Niet echt uitnodigend om een sigaretje op het achterdek te roken, nota bene op de laatste dag dat het nog mag. Ik parkeer mijn fiets in de ruimte voor voetgangers en fietsers. Het is er stil, totdat een moeder met haar drie kinderen er gaan zitten. De vrouw is iets in de dertig met een jongen en een meisje van 3 of 4 jaar oud, een tweeling denk ik. En een jongetje van ongeveer 2 jaar ouder.

De kinderen zien er schattig uit. Ze dragen allemaal laarzen in felle kleuren. De jongetjes vrolijke regenjassen en het meisje een gele poncho met een geel regenhoedje.

Ze blijven een paar tellen zitten en dan vindt het jongste jochie het wel genoeg. Hij staat op en rent richting het voordek. “Hier blijven,” roept zijn moeder, maar hij luistert niet. De regen weerhoudt hem waarschijnlijk om ook daadwerkelijk het voordek op te lopen. Hij slaat met een klap op de gele knop om de deur te openen. Die gaat even later ook weer dicht, kan hij weer met een klap op de knop slaan.

Wat later rent hij terug en dan weer richting het voordek, om op de gele knop te slaan, zo een paar keer heen en weer. Als hij terugkeert beginnen hij en zijn broer elkaar spelend te slaan. De moeder zegt: ”Niet doen, stop daarmee.” Ze gaan gewoon door.

Hij loopt nog een keer naar voren en gaat nu wel naar buiten, de regen trotserend. Bij de klep gaat hij op zijn knieën zitten en steekt zijn hoofd door de opening ernaast. Ik zie hem al in het water kukelen en roep: ”Jongetje, jongetje, niet doen. Dat is gevaarlijk. Je valt zo in het water.” De vrouw springt op en rent naar hem toe. “Ben je nou helemaal besodemieterd,” bijt ze hem toe. Ze wil hem een tik geven, maar doet het toch maar niet, waarschijnlijk omdat ik toekijk. Ze neemt hem hardhandig mee naar hun zitplaatsen. “En nu blijf je zitten!”

Als het pontje bijna aanmeert, staan de vrouw en de kinderen op en lopen ze naar de schuifdeur. De jongens gaan elkaar weer slaan, dat wil zeggen: de ander een tik geven en dan wegrennen. De moeder is opgehouden met ze te corrigeren. Van alle weeromstuit gaat het meisje ook nog huilen.

Leuk, zo’n tochtje met je kinderen.

Ruud van Dijk

Overzicht “Alle Pontjesverhalen
Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

29-12-2017, 21:15

december 31, 2017 by  
Filed under Verhalen

29-12-2017, 21:15
Pontjesverhalen


Om tien voor negen kom ik met de trein op C.S. aan. Ik ga met mijn vouwfiets via de lift naar beneden en vervolgens richting het pontje naar de NDSM. Het betekent wel 20 minuten wachten op de eerstvolgende. Het is koud en het waait hard. Om een beetje warm te worden loop ik heen en weer op de aanlegsteiger. Ik denk: ik kan wel het pontje naar de Buiksloterweg nemen, maar dan moet ik tegen de wind in helemaal naar Tuindorp Oostzaan fietsen. Ga ik niet doen.

Ik bedenk ook: ze zouden gewoon de hele dag elk kwartier een pontje moeten laten varen. Dan hoef je tenminste nooit 20 minuten te wachten. Maar ik zie ook dat er maar 15-20 andere mensen met mij staan te wachten. Dus ik begrijp ook wel dat zoiets niet lonend is.

Vanaf vijf over negen stroomt de aanlegsteiger van lieverlede vol. Een groep toeristen met een mobiele muziekinstallatie zorgt voor sfeer. Ze blokkeren daarmee wel de rode strook waar je eigenlijk niet mag staan. Meer en meer mensen komen aan gefietst en aan gewandeld. Ik ga tellen en hoop dat het er niet meer dan 250 zullen zijn, want zoveel passen er niet op het pontje. Ongeveer 150-200 schat ik, dus ook een plekje voor mij. Want, om nu weer een half uur te moeten wachten…

Het pontje meert aan en stroomt leeg. Sommige aso’s hebben geen geduld en gaan al tussen die stroom het pontje op. Waarschijnlijk willen ze een zitplaats bemachtigen. Ik laat me meevoeren door de golf mensen die vervolgens het pontje betreedt. En bemachtig een plekje in het gangpad.

Om me heen een en al geroezemoes. Tegenover me een groepje Duitse jongens. Naast me een aantal Turken. Aan de andere kant naast me groepje Nederlandse jongens. Ik kan het allemaal net niet verstaan, maar het prikkelt mijn fantasie: waar zouden ze het over hebben? En ik denk: mooi die pontjes, ze zorgen volop voor gesprekken.

Nou ja, niemand zegt een woord tegen mij.

Ruud van Dijk

Overzicht “Alle Pontjesverhalen
Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Niet zeuren

november 30, 2017 by  
Filed under Verhalen

Niet zeuren
Pontjesverhalen


Twee maanden na een meniscusoperatie beweeg ik me met een loopkruk in mijn hand op mijn vouwfiets door Noord en de rest van de stad. Ik ben erg op mijn hoede in het verkeer, zodat ik geen noodstop hoef te maken en dat niemand tegen me aanbotst. In Noord gaat dat makkelijker, het is er tenslotte overzichtelijker en rustiger. In de stad is het een heel ander verhaal.

Het viel me vandaag weer op. Ik fietste tamelijk relaxed naar het pontje om over te steken naar het centrum van de stad. Ik genoot van het tochtje over het IJ. Het geeft mij vaak ook het idee dat ik via het water een ‘wereldstad’ tegemoet ga. Achter het Centraal werd ik overvallen door de chaos aldaar. Mensen die niet wachtten tot het pontje leeg was, maar al voortijdig wilden opstappen. En dan de tientallen fietsers en voetgangers die zich een weg probeerden te vinden van en naar de pontjes, of zich achter het station van Oost naar West verplaatsten, of juist van West naar Oost. En het liefst dwars door elkaar heen.

(Is er wel eens een onderzoek gedaan naar het aantal bijna-aanrijdingen op die plek op een dag?)

In de stad nam ik een hopelijk rustige omweg om mijn bestemming in Zuid te bereiken. Het was een betrekkelijke rust. Scooters sjeesden me in grote vaart voorbij. Leuk die vrijliggende fietspaden, maar ze zijn te smal en de scooters meestal te breed. Ze scheren rakelings langs je heen. En dan heb je ook nog mensen die het nodig vinden om in de verkeerde richting op ‘mijn’ fietspad te fietsen. Ik was blij dat ik heelhuids aankwam.

Terug nam ik het pontje vanaf de Westerdoksdijk naar de NDSM. Dat is altijd een beetje balen, omdat het pontje overdag eerst de Distelweg aandoet. Ik begrijp het wel van het GVB, want buiten de spits maken maar weinig mensen gebruik van deze oversteek. En om dan twee pontjes te laten varen, zou een beetje duur zijn. Het is een overtocht die zo bijna 15 minuten duurt. Haast een overdaad aan onthaasten. Maar ik kwam wel tot rust. Ik bedacht me hoe prettig Noord is, niet zo opgefokt en hectisch als de rest van de stad. Een wereld van verschil. Daar had ik me deze keer in vergist.

Aangekomen bij de NDSM-werf was ik de laatste die het pontje verliet. Twee fietsers wilden niet wachten en blokkeerden me de weg toen ze het pontje op gingen. Ik keek ze aan en schudde mijn hoofd. Ik dacht en probeerde uit te stralen: kunnen jullie niet zien dat ik gehandicapt ben? Een hunner zei: “Niet zeuren man, je kan toch makkelijk doorfietsen.”

Ruud van Dijk

Overzicht “Alle Pontjesverhalen
Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Sollicitatie als instapbegeleider

oktober 30, 2017 by  
Filed under Verhalen

Sollicitatie als instapbegeleider
Pontjesverhalen


Sinds eind augustus heeft het GVB zogeheten instapbegeleiders in dienst. Zij moeten tijdens de spits er voor zorgen dat de stroom fietsers en voetgangers van de pontjes tussen het Centraal en de Buiksloterweg in goede banen wordt geleid. Zodat de mensen elkaar niet in de weg lopen en het allemaal soepeler gaat.

Instapbegeleiders; eigenlijk is het een foute benaming. Want je stapt niet in een pont, wel in een bus of metro. En als je in de boot wordt genomen, dan word je voor de gek gehouden. Het zijn eerder opstapbegeleiders.

Laatst heb ik ze aan het werk gezien. Jongens en meisjes die de aanstormende fietsers vragen af te stappen, voordat ze het pontje betreden. En ze proberen de mensen te laten wachten totdat de aangemeerde pont helemaal leeg is.

Mijn vriendin zei: “Is dat geen leuke baan voor jou? Ben je de hele tijd in de buurt van de pontjes. Word je vast gelukkig van.” Ik vond het een goed idee, dus heb ik vorige week gesolliciteerd. Een dag later werd ik al uitgenodigd voor een gesprek.

Ik vertelde de mensen van het GVB dat ik zeer gemotiveerd was, omdat ik nou eenmaal van de pontjes houd. Ik zei ook dat ik vriendelijk ben, dat het me vast lukt om mensen van hun fiets te krijgen. Of om ze tegen te houden als ze het pontje te snel op willen. Ik maakte ze wijs dat ik vijf talen sprak, handig met al die toeristen in de stad, tenslotte moet je altijd een beetje overdrijven tijdens zo’n gesprek. Ik ben er maar niet over begonnen dat opstapbegeleider een betere benaming is, want ik wilde ook weer niet als een wijsneus overkomen.

Het gesprek ging volgens mij prima. Misschien heb ik aan het eind niet helemaal de goede antwoorden gegeven. Ze vroegen wat ik zou doen als mensen niet van hun fiets wilden afstappen. Ik wilde doortastend overkomen en zei dat ik ze dan wel van hun fiets zou afslaan. En wat ik zou doen als mensen te vlug het pontje op wilden. Daar wist ik niet zo snel een antwoord op. “Kan ik geen wapenstok krijgen?” vroeg ik. “Dan kan ik ze in bedwang houden en als het moet een klap verkopen.”

Morgen belt het GVB me en hoor ik of ik word aangenomen.

Ruud van Dijk

Overzicht “Alle Pontjesverhalen
Reageren? Stuur uw e-mail naar Ruud van Dijk

Op de hoogte blijven van toekomstige pontjesverhalen?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 

Volgende pagina »

 

Schrijf U in op de nieuwsbrief van AmsterdamNoord.com!

 

Ontvang regelmatig nieuws over Amsterdam Noord met onderwerpen zoals het nieuws, aankomende evenementen, wetenswaardigheden, cultuur, parkeren en bereikbaarheid.

KLIK HIER VOOR HET INSCHRIJFSCHERM

 

Schrijf u in op onze nieuwsbrief!