De tunnelkwestie deel 1

Het park en wij

Het plan uit 1843
Vanuit het perspectief van een tegenwoordig volledig geaccepteerde tunnelverbinding tussen het centrum van de stad en Amsterdam Noord anno 2026 is het verbazend te lezen dat al in 1843 ene heer H, Bruyns, ‘inwoner van de goede stad aan het IJ’, een plan lanceerde voor een tunnel, zij het dat dit particuliere initiatief een futuristisch karakter had en niet uitging van het Amsterdamse gemeentebestuur. De verbinding tussen Volewijk en Damrak moest volgens Bruyns voorzien worden van ‘fraaye zuilen’, met een voetpad in het midden en gasverlichting. Zijn aanbevelingstekst luidde: ‘Slaan wy dan de handen aan het werk, ter bevordering van edelen roem, tot aanbrengen van verlustiging voor Amsterdam, tot uitlokking van Overtyers en vreemdelingen naar onze stad, tot bevordering van kunsten en wetenschappen, tot nieuw voorbeeld van waterbouwkunde, enzovoort’.

De tekst zou niet misstaan in een reisfolder voor Amsterdam, terwijl de aanbevelingen voor de tunnelbouw in later tijd vooral op de economische vooruitgang hamerden. Het boek Amsterdam Beneden A.P. door Evert Werkman (P.N. van Kampen & Zn, Amsterdam, z.j.), waaruit ik deze informatie putte, is een onmisbare en heerlijke bron als het over de IJ-tunnel gaat. Werkman noemt het zelf ‘De nogal droge, maar desondanks soms wonderbaarlijke en niet zelden spannende geschiedenis van de bouw van de autotunnel onder het IJ’. En dat is het. 

Ook dit markante gebouw moest plaatsmaken voor de IJ-tunnel: het kopstation aan het IJ van de Noord-Zuid-Hollandsche Trammaatschappij. De lijn liep dwars door Noord naar Edam, Volendam en Purmerend (Foto Dienst Publieke Werken Amsterdam)

1907

Een ander vroeg pleidooi voor een vaste oeververbinding stond in de Telegraaf van 11 december 1907. De krant schrijft: ‘Als we ’s morgens eens heel vroeg zijn opgestaan en onze wandeling hebben uitgestrekt tot de Handels- en De Ruyterkade, dan kunnen wij niet nalaten daar stil te staan en de drukte en bedrijvigheid te aanschouwen die er heerscht. Het voortdurend heen en weer varen der ponten en andere haastig stoomende bootjes, die de werklieden brengen naar hun werkzaamheden aan den overkant van het IJ, doen ons denken aan nijvere en energieke menschen, die bezield met ondernemingsgeest, daar aan de overzijde hun ondernemingen hebben gevestigd of bezig zijn op de nieuwe industrie-terreinen.’

De discussie over een betere verbinding tussen de beide oevers is daarmee eigenlijk al begonnen. Een vaste verbinding is onontbeerlijk, schrijft de krant. ‘De overtocht met de ponten is de minst gewenschte; de omlegging van het IJ is een grootsch plan, dat veel waardeering verdient, doch moeilijkheden voor de scheepvaart geeft.’ De krant vervolgt: ‘De eenvoudigste en meest doeltreffende verbinding zal zijn een tunnel onder den IJbodem. Het buitenland bezit reeds verscheidene dergelijke verkeerswegen, die het meest in den laatsten tijd zijn aangelegd.‘

De werkzaamheden aan de noordkant in augustus 1967. In het midden Villa Duyvis, het begin van de kronkelige Meeuwenlaan. Het Volewijckpark bovenaan de foto is al gesloopt (Foto Dienst Publieke Werken Amsterdam)

Zelfs de plek wordt al afgetekend: ‘De IJtunnel kan worden aangelegd van uit de Tolhuishaven, gaande door het te vervallen westelijke viaduct en uitkomende op het Prins Hendrikplantsoen, met een trotschen, monumentalen ingang, ruimte gevende voor dc electrische trams, de voertuigen en de voetgangers.’

Was het voorgaande nog een soort preluderen op een grootse ontwikkeling van Amsterdam als wereldhandelscentrum en Amsterdam Noord als booming industriestad boven het IJ, de Eerste Wereldoorlog heeft die droom in duigen geschopt. Pas in de twintiger jaren pikt Amsterdam het idee van een vaste verbinding weer op en opvallend zijn de vele berichten, artikelen en debatten in de kranten van die tijd. De discussie krijgt de naam ‘tunnelkwestie’.


© 2026 Dick de Scally. Op deze publicatie berust auteursrecht.

Overzicht alle afleveringen “Het park en wij“.

Dick maakt deze serie geheel op eigen titel.
Reageren? Voor nu kunt u contact met de redactie opnemen via de link onderaan de website.

Wij sturen dan uw mail door naar Dick.

Op de hoogte blijven van toekomstige artikelen in deze serie?
Schrijf u dan in op de nieuwsbrief 


Amsterdam Noord